Te zien is het logement ‘In den Drost van Twente’, in de volksmond ook wel ‘het Witte Paard’ genoemd, de naam die het tegenwoordig draagt. Er staat inderdaad een wit paard op het gebouw. Een paard met ruiter op zijn rug. Het is de postiljon (koerier of postrijder) van Longjumeau, een plaatsje in de buurt van Parijs, waar volgens het libretto zich de geschiedenis zou hebben afgespeeld, die in de opera “De Postiljon van Longjumeau” door A.C. Adam bezongen wordt. De toenmalige heer van Twickel, baron Carel van Heeckeren, had in Frankrijk deze opera gezien. Hij was er zo van onder de indruk, dat hij de postiljon op de staldeuren van de oude herberg liet af beelden. Door wie is niet meer bekend. Wel weten we, dat de kunstschilder Gerard C. Krol uit Enschede in 1932 de schildering gerestaureerd heeft. Inmiddels waren de kleuren van het rode lint om de hoge hoed, van de blauw met wit afgezette rok, van het postiljonschildje op de linkerarm weer vervaagd, maar eind 1989 vond een nieuwe restauratie plaats. En zo draaft de schimmel ruiter, fier het rijzweepje in de hand en de koperen posthoorn aan een band om de hals na ruim een eeuw nog altijd in de richting van Hengelo.