Categorie 3: Beeldmateriaal

De Amsterdamse fotograaf Pieter Oosterhuis (1816 – 1885) heeft zich in 1851 als daguerreotype-fotograaf gevestigd. Opgeleid als kunstschilder begon hij  in de fotografie met het maken van portretten, maar hij was ook de eerste in ons land, die stereofoto’s en stadsgezichten vervaardigde. Toch is hij vooral bekend geworden met foto’s van de scheepvaartindustrie en van de bruggenbouw. In 1871 heeft hij niet alleen foto’s gemaakt van kasteel Twickel, maar ook van Weldam en Lage. Daar is een voor die tijd enorm bedrag voor betaald door baron Carel van Heeckeren. De serie, waarin we Twickel van  verschillende kanten zien, is bijzonder omdat het de oudste fotoserie van het kasteel is. Aan de voorzijde is het kasteel voorzien van een witte pleisterlaag,  zoals dat in het verleden wel vaker gebeurde, denk aan paleis Het Loo voor de restauratie eind 20e eeuw.

Het Twents Streekarchief in Delden beschikt in zijn beeldbank over een ware schat aan gedigitaliseerde foto’s. Deze zijn deels op internet te bekijken via  de website, maar in het archief zelf kan men een groter aantal foto’s via de computer te zien krijgen. Eén daarvan, gemaakt rond 1906, geeft een beeld van station Delden in een tijd dat er nog geen geplaveide weg lag en het station ook nog niet voorzien was van de aanbouw aan de rechterkant en de uitbouw aan de voorzijde. Het paard, dat gedeeltelijk naast de weg staat, en de wagen met de voerman staan duidelijk opgesteld voor de fotograaf. Veel foto’s uit dezelfde tijd geven een prachtig beeld van Delden van ruim honderd jaar geleden.

De titel zegt het al. De tachtigste verjaardag van de barones werd uitgebreid gevierd met vele pachters, personeelsleden en mensen uit Delden en omstreken. We zien de schooljeugd onder begeleiding van hun onder wijzers naar kasteel Twickel lopen om daar gezamenlijk de barones toe te zingen. We zien de pachters met hun echtgenotes voorbij komen om de landgoedeigenaresse – overigens was Twickel al zes jaar een stichting – de hand te drukken. We zien sprekers, rentmeester Brunt en vele andere bekende en minder bekende Deldenaren. We horen zelfs de barones nog spreken. Kortom een film over een oud stuk  Delden, waarvan nog zo veel herkenbaar is. Van die viering in 1959 dateren ook de steen met inscriptie tegenover het kasteel en beelden van de hoofden van de barones en de baron, die zich bevinden in het kasteel.

Bent u benieuwd naar de film en wilt u hem bekijken?
Klik dan hier voor Deel I en hier voor Deel II

In 1982 is een viertal studenten van de Universiteit van Amsterdam begonnen aan een antropologisch onderzoek naar de verhouding tussen pachters en grootgrondbezitters. Het landgoed Twickel vormde als groot gebied met veel pachters en een eigen rentmeester een interessant studie object. Zo kwam in het jaar daarop, na veel interviews en vele uren filmopname, een film tot stand waarin, behalve rentmeester ir. C. Brunt, ook pachters aan het woord  komen. We zien hoe pachters steeds meer konden meepraten op het landgoed en er een pachterscommissie werd ingesteld. Het was niet meer alleen de landgoedeigenaar, in dit geval het stichtingsbestuur, dat via de rentmeester het beleid bepaalde ten aanzien van de pachters. De film geeft een aardig beeld  van de veranderingen in de loop der tijd. Eén van de makers van deze film is Wim Boevink (nu als journalist werkzaam voor het dagblad Trouw).

Bent u benieuwd naar de film? Hij bestaat uit 3 delen, klik op DEEL I  – DEEL IIDEEL III.

In Canadese nieuwsfilms zijn hier en daar kleine fragmenten uit 1945 te zien, die betrekking hebben op Delden. Deze plaats heeft in het laatste oorlogsjaar zowel op een negatieve als op een positieve wijze een niet onbelangrijke rol gespeeld. Vanaf september 1944 was het na Dolle Dinsdag  ongeveer een half jaar de plaats van het Rijkscommissariaat van Seyss-Inquart, van waaruit het bestuur in bezet Nederland werd aangestuurd. Na de bevrijding van Delden op 4 april 1945 werd Twickel een aantal maanden het hoofdkwartier van het Canadese bevrijdingsleger. Opperbevelhebber generaal Crerar verbleef op Twickel en hield zelf korte tijd Seyss-Inquart gevangen in een tent bij de watertoren. Op een filmfragment van minder dan een minuut zien we hem een deel van zijn troepen toespreken met kasteel Twickel op de achtergrond. Hij spreekt na de definitieve bevrijding van Neder land en Europa van het naziregime. Delden – overigens niet genoemd in het fragment – als onderdeel van een stukje wereldgeschiedenis.

Klik hier om de film te bekijken.
De tijdstippen waarop Delden in beeld is, zijn de minuten: 2.15 – 2.33 – 9.37.
Op minuut 2.15 rijdt een tank door Delden, op 2.33 ziet u een brandende boerderij of schuur in de buurt van de Oosterhof t.z. van het kanaal en op minuut 9.36 Seyss Inquart bij een tent bij het kasteel.

Klik hier om Generaal Crerar te zien spreken. Tijdstip: 44.48 – 45.44 minuten.

 

In het Bitterarchief, dat zich bevindt in de archiefbewaarplaats van Twickel, is een foto aanwezig uit 1844. De tand des tijds heeft wat aan de lijst geknaagd, maar het blijft een prachtig vroeg negentiende-eeuws fotoportret. Het gaat om Willem Bitter (1809 – 1872), afkomstig uit Lage en  huisknecht / kamerdienaar van baron Carel van Heekeren. In 1835 ging hij voor de eerste keer met de baron en diens echtgenote Cornélie van Wassenaer mee naar Parijs. Tijdens één van de volgende verblijven in Parijs, in 1844, werd hij gefotografeerd.

 

Twee jaar daarvóór hadden Carel en zijn vrouw Cornélie samen met  Carels broer Willem zich al in Parijs laten fotograferen. Er zijn drie verschillende foto’s gemaakt en van deze daguerreotypes bevindt er zich één in het huisarchief Twickel. Dit moet de oudste foto zijn. Ze zijn vijf jaar na de eerste foto van Daguerre gemaakt en drie jaar na de eerste foto in Nederland. We mogen er trots op zijn dat we zo’n foto in Delden hebben.

Tot verdriet van de dorpelingen moest de oude kerk, die pal naast de huidige kerk stond worden afgebroken. Deze oude kerk werd in 1912 gebouwd, voor een bedrag van 34.593 gulden. De oude kerk werd in de oorlog (17 juni 1943) gebombardeerd en raakte flink beschadigd. Tijdens dit bombardement kwamen zes mensen in Hengevelde om het leven. Pastoor Kormelink adviseerde het kerkbestuur na de oorlog om de kerk niet meer te herstellen. Beter was het een aantal jaren te wachten, in de hoop dat de regels omtrent het bouwen van kerken versoepeld zou worden. In 1953 werd de eerste steen van de nieuwe kerk gelegd.